De Douane kan onder bepaalde omstandigheden uitstel van betaling van de invoerrechten verlenen, als er een duidelijke samenhang is tussen je betalingsproblemen en de coronacrisis. 

De Douane stelt zich op het standpunt dat dit uitstel moet worden aangevraagd door de importeur indien deze vertegenwoordigd wordt door een douane-expediteur (dus bij directe vertegenwoordiging) en de betaling plaatsvindt met gebruikmaking van het maandkrediet van deze expediteur. Dit zorgt voor de nodige risico's aan de kant van de expediteurs. Het is immers voor de expediteur onduidelijk of het door de importeur aangevraagde uitstel daadwerkelijk wordt verleend. Als dit niet gebeurt, moet alsnog betaald worden terwijl de goederen in zijn algemeenheid al ter beschikking zijn gesteld van de aangever (importeur), en is er voor de expediteur geen verhaal meer mogelijk. 

Een mogelijke oplossing voor de expediteurs is het uitsluitend meewerken aan uitstel als iemand als importeur de douane-expediteur machtigt het uitstel aan te vragen. Dit is dan een machtiging op basis van het civiele recht en geen douanetechnische vertegenwoordiging. Gelet op het feit dat de Douane een deadline (22 mei) hanteert voor het ontvangen van de verzoeken tot uitstel over de maand april, en het regelen van een volmacht tijd kost, wordt het aangeraden als importeur zo spoedig mogelijk contact op te nemen met je douane-expediteur. 

Heeft u vragen over dit onderwerp of andere transportrecht of douanerecht gerelateerde vragen? Neem gerust contact op met John Wolfs

Bron: Evofenedex